NKOI Nederlandse Kliniek voor Orale Implantologie
Direct contact? Bel ons030 242 60 80
Login partners

Fiscale aftrek implantaten

Aftrek tandartskosten Tandartskosten vallen in de inkomstenbelasting onder de persoonsgebonden aftrek. Deze kosten worden gezien als uitgaven die gedaan zijn wegens ziekte of invaliditeit voor ‘genees- en heelkundige hulp’. Om in aanmerking te kunnen komen voor de aftrek van de tandartskosten dient er aan een aantal voorwaarden te worden voldaan:

1. de uitgaven zijn gedaan voor uzelf, uw partner, uw jonger dan 27-jarige kinderen, tot uw huishouden behorende ernstig gehandicapte personen van 27 jaar of ouder of bij u inwonende zorgafhankelijke ouders, broers of zussen;

2. bij de uitgaven voor genees- en heelkundige hulp moet deze hulp door een naar Nederlandse begrippen bevoegde tandarts of op voorschrift en onder begeleiding van een naar Nederlandse begrippen bevoegde tandarts worden gedaan;

3. de uitgaven moeten op u drukken (dus niet betaald/vergoed door uw zorgverzekeraar);

4. u kunt zich redelijkerwijs door de medische noodzaak niet aan deze uitgaven onttrekken (u voelt zich redelijkerwijs gedrongen om de uitgaven te doen).

Bij de aftrek dient wel rekening te worden gehouden met de volgende drempels:

  • € 121 bij een drempelinkomen van minder dan € 7.288;
  • 1.65% van het inkomen tussen de € 7.288 en € 38.722;
  • € 638,91 + 5,75% van het inkomen boven € 38.722.

Het drempelinkomen is het totaal van de inkomsten en aftrekposten in box 1,2 en 3, maar zonder de persoonsgebonden aftrek. De kosten die dus boven de drempels uitkomen, zijn uiteindelijk de kosten die aftrekbaar zijn. Indien u een fiscale partner hebt, dient uit te gaan van het inkomen van u en uw partner samen en kunt u de tandartskosten bij elkaar optellen. De hierboven genoemde bedragen van € 121 en € 7.288 dient u te vermenigvuldigen met twee voor de berekening van de drempel.

Tot de aftrekbare tandartskosten behoren bijvoorbeeld de kosten van periodieke controle, het vullen en trekken van tanden of kiezen en het plaatsen van prothesen. De kosten voor hulpmiddelen zoals een gebit, bruggen, kronen en implantaten kunnen kunstmatig verhoogd worden met 77% (2011: 40%) indien het drempelinkomen niet meer is dan € 32.738. Voor 65-plussers geldt een verhogingsfactor van 113%. Door de verhoging van de kosten wordt de drempel eerder bereikt waardoor er eerder recht is op aftrek van de kosten.

Voorbeeld aftrek tandartskosten

Uw drempelinkomen bedraagt € 30.000. U bent jonger dan 65. In 2010 hebt u € 1.000 aan tandartskosten betaald, € 200 hiervan betreft kosten in verband een kunstgebit (of andere hulpmiddelen). U hebt geen vergoeding van uw zorgverzekeraar ontvangen. Uw aftrekbare ziektekosten bestaan dus uit de tandartskosten van € 1.000. Omdat uw drempelinkomen niet hoger is dan € 32.738, mag u naast het bedrag van € 1.000 nog 77% van € 200 extra aftrekken. Uw aftrekbare ziektekosten bedragen dus (1,77 x € 200 =) € 354 + € 1.000 = € 1.354. Na aftrek van de drempel van (1,65% x € 30.000 =) € 495, kunt u in 2010 dus (€ 1.354 – € 495 =) € 859 aftrekken tegen 41,95%. Uw netto voordeel bedraagt in dit geval (41,95% x 859 =) € 360,35.

U kunt aan deze informatie geen rechten ontlenen. Wij adviseren u om in individuele gevallen een belastingadviseur te raadplegen.